Waarom je nooit moet betalen voor vrijwilligerswerk

Betalen voor vrijwilligerswerk of stage, dat klinkt natuurlijk tegenstrijdig. En dat is het ook. Want waarom zou je betalen voor het feit dat je komt helpen?

Zodra je op zoek gaat naar internationaal vrijwilligerswerk (of stage), ontdek je al snel dat hiervoor veel verschillende bemiddelende organisaties zijn. De organisatie heeft de contacten in het buitenland en regelt bijvoorbeeld je accommodatie en dat je wordt opgehaald van het vliegveld. 

Westerse vrijwilligers invliegen

De ontvangende organisaties in het buitenland zijn veelal afhankelijk van donaties of hebben lage inkomsten. Daarom kunnen zij de kosten voor jouw reis en verblijf niet betalen. Want als er genoeg geld was, dan zou het logischer zijn dat ze dit in hun eigen organisatie zouden investeren. Dat geld zouden ze dan waarschijnlijk niet gebruiken om westerse vrijwilligers mee in te vliegen. Nu begrijp je misschien al wat beter waarom je bij verreweg de meeste organisaties je eigen reis- en verblijfskosten betaalt. 

Geld naar je project

Voordat je verder leest, denk even na over de volgende vraag.

Vind je het belangrijk dat (een deel) van het geld dat jij betaalt, bij het project waar je je gaat inzetten terecht komt? En waarom vind je dat?

Ik ga er vanuit dat je op de vraag hierboven ‘ja’ hebt geantwoord. Tenminste, dat geldt voor veel mensen. En dat is ook heel logisch. Want zou toch mooi zijn als jouw komst een dubbel effect heeft? Zowel in mankracht als in geld?

Nee dus. 

Dat ga ik je uitleggen. 

Tot eind jaren ‘90 werd vrijwilligerswerk in het buitenland eigenlijk alleen gedaan door professionals. Denk aan artsen die uitgezonden werden naar zuidelijke landen. Omdat daar medische hulp of kennis ontbrak. 

Sindsdien beschikt iedereen over internet en is de wereld een stuk kleiner geworden. Steeds meer mensen maakten verre reizen. Jongeren gingen hun horizon verbreden. De maatschappij werd steeds internationaler. De komst van social media heeft de wereld letterlijk ‘binnen handbereik’ gebracht. 

Jij wilt graag je horizon verbreden en iets moois bijdragen aan deze wereld. Net zo graag ontvangen organisaties uit het buitenland vrijwilligers. Vrijwilligerswerk is vandaag de dag niet meer alleen voor artsen, verpleegkundigen of zendingswerkers. 

Toeristisch product

En daar ging het knellen. Tegenwoordig kan iedereen die graag een tijdje wil meehelpen bij een maatschappelijk project in het buitenland, wel iets leuks vinden. Dat was ook de mensen in de ontvangende landen niet ontgaan. En daarop werd handig ingespeeld: het doen van vrijwilligerswerk kon een toeristisch product worden. Ongeacht of men nou een echte hulpvraag had of een maatschappelijk probleem oploste. Bij zoveel aanbod van westerse vrijwilligers, kon de vraag makkelijk gecreëerd worden.

Als een project betaald krijgt voor het ontvangen van vrijwilligers of stagiaires, ontstaat een ‘verdienmodel’. Hierdoor kan er een financieel belang zijn voor het in stand houden van het project en het ontvangen van (zoveel mogelijk) vrijwilligers en stagiaires. 

Vrijwilligerswerk bij een weeshuis

Hieronder lees je een voorbeeld uit mijn eigen ervaring. Iemand richt een project op, niet om een bestaand probleem op te lossen, maar om geld te verdienen. En deze man is helaas geen uitzondering. 

Joelende kinderen

Tijdens één van mijn bezoeken aan Tanzania werd ik uitgenodigd door een directeur van een project. Hij wilde mij graag laten zien wat voor goed werk hij allemaal deed voor de weeskinderen in zijn dorp. Toen ik langs de weg uit de minibus stapte, rende een hele horde kinderen juichend op mij af. Allemaal wilden zij mijn hand vasthouden en midden in deze groep joelende kinderen liep ik de heuvel af, richting het gebouw van het project. 

De directeur schudde hartelijk mijn hand en heette mij uitgebreid welkom. Toen kon de rondleiding beginnen. Benauwde slaapzalen tjokvol gammele, metalen stapelbedden. Op de doorgezakte matrasjes lagen dunne, gerafelde lakentjes. Het stonk er vreselijk naar uitwerpselen.

Ondertussen deed de directeur zijn aangrijpende verhaal. Hij zorgde, samen met een paar Tanzaniaanse vrijwilligers uit het dorp, voor ongeveer 100 weeskinderen. Kinderen die echt niemand meer hadden, kregen weer wat hoop bij zijn project. Het viel niet mee, maar dankzij gulle gevers konden ze zich net redden elke maand. 

“Een paar dagen later werd het gasfornuis bezorgd. Het werd keurig naar binnen gebracht in het huis van de directeur. Hun verbazing hierover werd gerustgesteld. Eerst waren er nog wat voorbereidingen nodig voordat het gasfornuis bij het project kon staan. In de 10 weken die volgden is het gasfornuis niet meer van zijn plaats gekomen.”

Even afrekenen

Mijn oog viel op 2 westerse vrijwilligers die er rond liepen. Ik sprak hen aan en stelde een paar vragen over het project. Wat ik al vermoed had, werd door hen bevestigd. De zogenaamde ‘weeskinderen’ waren veelal kinderen uit het dorp. Die werden elke ochtend opgetrommeld bij het project. Een deel van de kinderen kwamen van buiten de stad en sliepen wel echt in de slaapzalen. Hun ouders hadden hen meegegeven aan het project, in de hoop op scholing en elke dag een volle maag. 

Deze vrijwilligers waren hier terecht gekomen via een organisatie. Op hun aanmelding hadden ze alleen opgegeven dat ze ‘met weeskinderen’ wilden werken. Bij aankomst op het vliegveld werd hun naam opgezocht op een lijst. Hun gastheer in de aankomsthal mompelde ‘oh ja deze willen met weeskinderen’. Een uur later werden ze bij dit ‘project’ gedropt. Voordat hun gastheer vertrok, rekende hij nog even contant af met de projectdirecteur. 

In al hun goedheid hadden deze vrijwilligers voor vertrek, óók nog geld ingezameld. Toen de directeur hiervan hoorde, had hij hen overtuigd dat het hard nodig was om een gasfornuis te hebben. Zodat ze voor de kinderen konden koken. Dat vonden de vrijwilligers een prachtig idee. Ook fijn, om zoiets tastbaars achter te laten. Ze overhandigden het geld aan de directeur. 

Een paar dagen later werd het gasfornuis bezorgd. Het werd keurig naar binnen gebracht in het huis van de directeur. Hun verbazing hierover werd gerustgesteld. Eerst waren er nog wat voorbereidingen nodig voordat het gasfornuis bij het project kon staan. In de 10 weken die volgden is het gasfornuis niet meer van zijn plaats gekomen. 

 

Over weeshuistoerisme heb ik overigens al meerdere blogs geschreven. Wil jij vrijwilligerswerk bij een weeshuis gaan doen? Doe het niet en lees op mijn blogs waarom niet.

Heb je de documentaire ‘Last minute weeshuis’ al gezien? Hierin zie je een schokkend beeld van weeshuizen, waar kinderen verblijven voor het vermaak van vrijwilligers. Als toeristisch product geëxploiteerd. Daar wil je echt niet aan meewerken. 

Kan je dan helemaal geen donaties geven?

Moet je dan helemaal geen geld aan een project geven? Is vrijwilligerswerk doen dan eigenlijk slecht? Hoe weet je nou of je bij een eerlijk project terecht komt? En waar gaat je geld dan eigenlijk wél heen?

Allemaal logische vragen waar je een antwoord op wilt hebben. Ik geef je mijn eigen visie, waarop ik ook de werkwijze van Doingoood heb gebaseerd. 

Geld betalen aan een project, daar heb ik geen moeite mee. Mits daar iets tegenover staat, bijvoorbeeld het bieden van accommodatie en verzorgen van maaltijden. Dan betaal je voor een geleverde service, dat is wat anders. Persoonlijk vind ik het heel belangrijk dat onze coördinatoren in Afrika veel bij onze projectpartners komen. Op die manier onderhouden we de relatie. En krijgen we een goed beeld van het reilen en zeilen bij een project. Daardoor kunnen wij oprecht zeggen dat wij werken met projecten die oprecht een positieve bijdrage aan hun doelgroep leveren. En een goede balans bewaken tussen het aantal vrijwilligers en de eigen projectmedewerkers. 

Ik vind er ook helemaal niks mis mee om een donatie aan een project te geven. Alleen, dit moet wat mij betreft los staan van de samenwerking met vrijwilligers. En duurzaam besteed worden. Als vrijwilliger bij een project heb je daar een belangrijke rol in. 

“Geven voelt lekker. Het is fijn om iets voor iemand anders te kunnen betekenen.”

Ongelijkwaardig

Strooien met geld voelt misschien lekker voor je eigen ego, maar het is niet effectief op de lange termijn. Naar mijn mening benadrukt het ook ongelijkwaardigheid. Geven voelt lekker. Het is fijn om iets voor iemand anders te kunnen betekenen. Maar heb je het wel eens van een andere kant bekeken? De ontvanger komt namelijk in een afhankelijke positie, moet dankbaar zijn voor wat een ander bepaald heeft te geven. Wat voor een effect zou dat hebben op iemands eigenwaarde? 

Nog veel te vaak zien we dat vrijwilligers zelf bepalend willen zijn in hoe hun donatie besteed wordt. Een gegeven paard kijk je niet in de bek. Dus een project gaat vaak niet met jou als gever in discussie. Ondanks dat misschien jouw idee over waaraan donaties besteed moeten worden, niet overeenkomt met hun daadwerkelijke behoeften en prioriteiten. 

Wij werken liever met wensenlijsten. Hierop geeft het project elk jaar aan welke doelen zij willen realiseren en wat de kosten daarvan zijn. We kiezen bewust voor sponsoring van een project en niet voor individuele sponsoring. 

Vrijwilligers kunnen zelf bepalen of zij donaties willen inzamelen. Niets is verplicht. Alle donaties lopen via onze stichting Doingoood foundation. Onze stichting ontvangt ook donaties vanuit andere bronnen. Zodra een wens van de lijst vervuld kan worden, wordt de donatie overgemaakt. De stichting ontvangt hiervan een rapport, als voorwaarde voor het kunnen ontvangen van eventuele volgende donaties. 

Branche organisatie

Vrijwilligerswerk doen is zeker niet slecht. Op mijn blog ‘Is vrijwilligerswerk in het buitenland een goed idee’ lees je waar je allemaal op moet letten. In elk geval zou ik je sterk aanraden om alléén te kiezen voor een organisatie die is aangesloten bij Vereniging Volunteer Correct (VVC). Dit is een branche organisatie met kwaliteitsrichtlijnen voor duurzaam en verantwoord internationaal vrijwilligerswerk. Dan weet je zeker dat je bij een eerlijk project terecht komt. 

En waar je geld dan wél heen gaat? Transparantie is een van de dingen die organisaties die aangesloten zijn bij de VVC, moeten geven. Bij Doingoood vind je alle informatie over wat je krijgt voor wat je betaalt op deze pagina.

Investeren in jezelf

Zie je buitenland ervaring als een investering in jezelf. Ja, je maakt kosten. Je doet dan ook een heel waardevolle ervaring op. Voor jezelf. En dat is dan weer niet in geld uit te drukken. Hopelijk ben je na het lezen van dit blog weer een beetje wijzer geworden en neem je goede beslissingen. Fijn als ik daar iets aan heb kunnen bijdragen. Goede reis!